skip to Main Content
Niet ingelogd, log in bij account.

Ontmoetingen 5

Ontmoetingen in China en Japan

  • Docent(en): Mieke Matthyssen, Willy Vande Walle
  • Jaar: speciale editie
  • Datum: 29 mei 2021
  • Tijdstip: 9.30 uur tot 12.30 uur

Beschrijving

Mieke Matthyssen

“Chinese psychologie of (Westerse) psychologie in China: inzichten uit de filosofischpsychotherapeutische praktijk.”

Begin 20ste eeuw, in de nasleep van de New Culture Movement waarin China in zijn zoektocht naar een nieuwe identiteit “Mr. Science” omhelsde, ontwikkelde zich in China langzamerhand de wetenschap van de psychologie. Met input van geleerden met buitenlandse studieervaring, werd psychologie als volwaardig academisch onderzoeksgebied beetje bij beetje geïnstitutionaliseerd. In omgekeerde richting onderging omstreeks dezelfde periode – en indirect als gevolg van WOI – de analytische psychotherapie in Europa een belangrijke Chinese invloed. De aanzet hiertoe was de vriendschap tussen sinoloog en missionaris Richard Wilhelm (vertaler van Chinese werken zoals het klassieke orakelboek Het boek der Veranderingen en het esoterische zelfcultiveringsboek Het Geheim van de Gouden Bloem), en de bekende psychotherapeut Carl Gustav Jung.

Deze wederzijds invloed was van blijvende duur. Zo’n 100 jaar later zien we niet alleen in het Westen het Chinese denken hoe langer hoe meer een plaats innemen in de psychologie. Ook in China hebben therapieën die een combinatie van Westerse (mainstream) psychologie en Chinese inheemse psychologie aanbevelen hun intrede gedaan. Een voorbeeld hiervan is de Chinese Taoist Cognitive Psychotherapy (CTCP), die Westerse cognitieve gedragstherapie combineert met een Daoïstisch wereldbeeld.

 

Willy Vande Walle

Vruchtbare akker of rotsige bodem? Het existentiële dilemma van de vroege christelijke missie in Japan”

Franciscus Xaverius landde in Japan in 1549 met de bedoeling om de Japanners tot het katholicisme te bekeren. Hij trof een land aan dat gedompeld was in een continue strijd tussen rivaliserende oorlogsheren, maar dat in zijn ogen niettemin qua mentaliteit goede vooruitzichten voor een vruchtbare missie bood. De initiële successen van de missionarissen die in zijn voetspoor volgden leken zijn optimisme te bevestigen. In het laatste kwart van de zestiende eeuw echter begon het tij te keren. De prille kerk werd het slachtoffer van repressie omdat het christendom als een bedreiging voor de nationale eenheid gezien werd. Wat als een verdrijving van buitenlandse missionarissen begon, mondde uiteindelijk uit in een genadeloze politiek van uitroeiing van elk spoor van christendom. Missionarissen die gevat werden, moesten publiekelijk hun geloof afvallen of werden terdood gebracht. Op enkele schaarse uitzonderingen na verkozen ze allen het martelaarschap. Toch wisten kleine gemeenschappen zonder priester en zonder band met Rome gedurende twee en een halve eeuw ondergronds te overleven, tot ze in de tweede helft van de negentiende eeuw ‘herontdekt’ werden.

In zekere zin had Franciscus Xaverius gelijk. De taaiheid waarmee de verborgen christenen zo lang overleefden is hoogst merkwaardig. Niet minder geldt dat voor de hardnekkigheid waarmee de Japanse overheid die verborgen christenen bleef opsporen. Jaarlijks verplichtte zij inwoners van ‘verdachte’ gebieden op een beeltenis van Christus of de Maagd Maria te trappen, een zwaarwichtige symbolische handeling, voor de gelovige een gewetensprobleem, voor de overheid voldoende om de persoon in kwestie te laten leven. Deze rituele daad werd geconstrueerd als de onderwerping aan de overheid, en de bevestiging van de Japanse identiteit, en werd dus onderdeel van het status-quo. Hij bevestigde bovendien de legitimiteit van het gezag van het Tokugawa shōgunaat. Daarom ook dat het verbod op het christendom gehandhaafd bleef, ook in de achttiende en negentiende eeuw, toen het al lang geen politieke of sociale bedreiging meer kon vormen. Toen Japan de weg van de modernisering koos en het verbod op het christendom ophief, volgde geen massale bekering, maar cultureel en maatschappelijk speelde het toch een voorname rol. Religieus sloeg het echter maar matig aan. Japan is één van de meest geseculariseerde landen in de wereld volgens de World Values Survey. Er zijn naar schatting ongeveer drie miljoen christenen, die verspreid zijn over een  groot aantal kerken en obediënties.

Co Authors :

W.F. Vande Walle is professor emeritus met opdracht in de Japanse Studies aan de KU Leuven. Hij studeerde Oosterse Talen en Geschiedenis aan de Universiteit van Gent, de Osaka University of Foreign Studies en de Rijksuniversiteit van Kioto.

Hij deed onderzoek aan de Academie voor Sociale Wetenschappen, Peking (1986), het Institute for Oriental and Occidental Studies, Kansai University, Osaka (1987 en 1996), de Faculteit der Letteren van de Universiteit van Pennsylvania (1992), en was gasthoogleraar aan het International Research Center for Japanese Studies, Kyoto (1993).

Zijn publicaties in het Nederlands, Engels, Frans en Japans bestrijken een breed scala aan Japan-gerelateerde onderwerpen, waaronder het boeddhisme, de Japanse diplomatieke geschiedenis, de Chinees-Japanse betrekkingen, maatschappelijke kwesties, taal en kunstgeschiedenis. Hij werkte mee aan een aantal tentoonstellingen van Japanse kunst en was voorzitter van het Wetenschappelijk Comité van Europalia Japan 1989. Hij is sinds 2001 voorzitter van de European Association of Japanese Resource Specialists.

Hij was de eerste Belgische academicus die de Japan Foundation Special Prize ontving (2000), werd onderscheiden met de Orde van de Rijzende Zon (2006), ontving een eredoctoraat van de Universiteit van Kansai (Osaka, 2009), en ontving de Yamagata Bantô-prijs (Osaka, in 2016).

Back To Top